ALGEMENE BESCHOUWINGEN BEGROTING 2014

Voorzitter, met uw college kan mijn fractie niet anders dan tot dezelfde conclusie komen, namelijk dat de begroting 2014 materieel in evenwicht is. Net zoals wij in onze vorige algemene beschouwing aangaven is het boekhoudkundig weer een goed verhaal; de sommetjes kloppen. Aan ons als raad rest dus de niet onbelangrijke taak om er een politiek verhaal van te maken. Het is namelijk niet de bedoeling dat we na dit nijvere cijferwerk rustig gaan slapen.

De aanbiedingsbrief ademt naar de mening van de PvdA een sfeer van “stilte voor de storm”. Het college stelt dit weliswaar niet met zoveel woorden, maar wij constateren dit toch met instemming. Immers, voor 2015 geldt een heel ander verhaal. Verdere bezuinigingen vanuit het rijk in combinatie met de aangekondigde decentralisaties zullen de gemeentefinanciën verregaand beïnvloeden. De in maart 2014 aantredende nieuwe raad en het nieuwe college wachten dus de nodige uitdagingen; ik heb de indruk dat dit eufemistisch geformuleerd is. Je kunt de stilte voor de storm echter ook op een andere manier benaderen, namelijk die van het voor je uit schuiven van de hete aardappel. Het college is trots dat de begroting 2014 in balans is. Dat klopt, zoals ik al eerder aanstipte, maar voor de jaren daarna hebben we te maken met een disbalans. Het saldo gaat van + 653.000 in 2014 naar – 699.000 in 2015. Even meerekenen; dat is dus een verschil van 1352000!

De nieuwe raad en college in 2014 hebben dus niet alleen te maken met de nodige uitdagingen zoals ik zoeven opmerkte, maar wellicht met een onmogelijke opgave. Dit stelt de trots van het college over de begroting 2014 naar de mening van de PvdA fractie toch wel in een schril licht. Waarvan acte.

In de laatste algemene beschouwingen van de collegeperiode 2009 – 2014 wil mijn fractie die zaken belichten die wat ons betreft in deze periode beeldbepalend zijn geweest: de gang van zaken rond de bouw van het nieuwe gemeentehuis én die rond het dossier Elswouthoek.

Dit wil uiteraard niet zeggen dat er in deze gemeente geen andere dingen gebeuren, natuurlijk niet, maar deze twee aspecten waren in de afgelopen periode dermate bepalend in het politiek/bestuurlijke domein van onze gemeente dat zij hiermee de kern raken waarvoor wij hier zitten: de relatie tussen inwoners van deze gemeente met hun bestuur.

Allereerst wil ik even kort terugblikken op onze algemene beschouwingen naar het afgelopen begrotingsjaar. Ook bij die gelegenheid hebben wij vastgesteld dat onze gemeente te klein is en ook te weinig bestuurskracht heeft om de eerder aangestipte uitdagingen aan te kunnen.

Het aangaan en intensiveren van intergemeentelijke samenwerkingen om onze wettelijke taken naar behoren te kunnen uitvoeren is volgens de PvdA slechts een voorlopige oplossing. Zo’n voorlopige oplossing is bijvoorbeeld de aangekondigde gezamenlijke bedrijfsvoering met de gemeente Heemstede.  In feite gaat het vooralsnog om een zeer bescheiden stap. Wij kunnen instemmen met dergelijke prille initiatieven, maar hiermee zijn we er bepaald nog niet.

Waar de maatschappelijke thema’s de gemeentegrenzen letterlijk en figuurlijk overschrijden – en een dergelijk proces is al lang aan de gang – zal er een nieuwe stap moeten worden gezet; en wel op weg naar naar uiteindelijk een intergemeentelijke fusie.

Daarvoor zijn verschillende argumenten. Het gevolg namelijk van samenwerkingen alleen heeft tot is dat raad en college in democratisch opzicht op afstand staan. Dit stelden wij al eerder vast, en wij hebben dat ook in de afgelopen begrotingsperiode kunnen waarnemen. Zie bijvoorbeeld de discussie over de aanbesteding van de huishoudelijke zorg, zie ook het wat moeizame proces rond het mobiliteitsfonds en niet te vergeten de Noordelijke Ontsluiting Greenport, beter bekend als de Duinpolderweg.

Mijn fractie wil niet aan getrapte besluitvorming bijdragen, maar aan directe. Dat is niet alleen efficiënter, maar het hoofdargument is – ik herhaal mijn woorden van vorig jaar – dat alleen na een intergemeentelijke fusie de democratische borging optimaal is en de gewenste democratische controle op het bestuur kan plaatsvinden. Voor onze inwoners is het op die manier ook veel helderder waar hun gemeente voor staat.

Een tweede invalshoek is meer van strategische aard. Bij het aantreden van het kabinet van VVD en PvdA is de toon gezet voor wat betreft de bestuurlijke structuur van gemeenten en provincies. Ondanks wellicht een zekere temporisering bij het begaan van de ingeslagen weg is de horizon duidelijk. Mijn fractie is van mening dat je dan beter niet als een konijn in het licht van de koplampen moet wachten totdat er niet te missen signalen van een hogere overheid op je af komen, maar – in tegendeel – in actie moet komen voordat het zover is. Immers, dán heb je het in eigen hand, dán behoud je de regie, dán bepaal je zelf de plek van de vele piketpalen én het uiteindelijke resultaat.

Voorzitter, de tegengeluiden wat betreft dit standpunt zijn over het algemeen een mix van rationaliteit en emotionaliteit, uitdrukkelijk zonder dat mijn fractie emotionele argumenten kwalificeert als niet ter zake doende. Zij doen er wel degelijk toe, en dienen onderwerp te zijn van de discussie over het proces wat wordt ingegaan.

De PvdA fractie is van mening dat een intergemeentelijke fusie in Zuid Kennemerland een interessant en vooral afwisselend landschap zal opleveren. Open en meer gesloten woongebieden, landgoederen en bosgebied, strand en strandvlakten, veel mogelijkheden tot recreatie, verschillende winkelgebieden, een diversiteit aan werkgelegenheid, een gebied van waaruit de steden vlot te bereiken zijn. De kernen van de bij het proces te betrekken gemeenten grenzen op meerdere locaties al aan elkaar. Bestuurlijk ontstaat er een grote kans om de feitelijke situatie in overeenstemming te brengen met de bestuurlijke, waardoor er in de regio een veel grotere afstemming zal plaatsvinden op de diverse beleidsterreinen die onze inwoners raken.

Ofschoon het tegendeel vaak wordt gehoord bestaat er naar onze mening een unieke kans op in de aanloop van een proces het dorpskernenbeleid – hetgeen een der speerpunten zou moeten zijn – aanzienlijk te versterken. Sterker nog: dit zou de inzet moeten zijn waarmee onze gemeente het proces in gaat met de andere deelnemende gemeenten.

Wij zijn dus geenszins bang dat – persiflerend – onze captains of industry zich en masse naar pakweg Zuid Limburg haasten; waarna de aldus verlaten landgoederen fluks worden bebouwd met troosteloos stemmende hoogbouw met gebruik van de zo goedkoopst mogelijke bouwmaterialen. Ik druk me met opzet op deze wijze uit omdat dit zo in tegenstelling is met de bestuurspraktijk van alledag in onze gemeente. Niet voor niets hebben wij de structuurvisie vastgesteld, ook afzonderlijke onderdelen van onze gemeente. Alle door de raad vastgestelde bestemmingsplannen kennen bovendien het predicaat: conserverend, niet geheel tot vreugde van de PvdA fractie overigens. Maar wat belangrijker is: dit argument kan in redelijkheid niet worden beschouwd als steekhoudend om tegen een proces te zijn naar een intergemeentelijke fusie.

Resumerend: De PvdA fractie zou voorstander zijn van een onderzoek naar een wenselijk samen gaan van gemeenten  in deze regio, waarbij het belangrijkste criterium wordt gevormd door de vereiste bestuurskracht  in samenhang met de extra taken die met ingang van 2015 boven de huidige taken tot ons komen.

Maar wellicht kan de nieuwe raad na maart volgend jaar hierover het best tot een uitspraak komen.

Over het proces rond de bouw van het nieuwe gemeentehuis wil de PvdA nog het volgende kwijt. Let wel: ik heb het niet over de besluiten die in meerderheid zijn aangenomen. Twee aspecten die hiermee nauw samenhangen wil ik echter graag bij deze beschouwingen betrekken: de afwijzing in meerderheid van het referendumverzoek én de financiële onderbouwing.

Mijn fractie vindt het nog steeds onbegrijpelijk en een forse gemiste kans om welhaast systematisch te weigeren om deze belangrijke beslissing aan onze inwoners voor te leggen. Wij schrijven 2013, en hebben gelukkig te maken met mondige en doorgaans hoog opgeleide inwoners. Niet voor niets volgen zij ons kritisch. Soms individueel, soms in samenhang met de wijk waarin zij wonen, soms ook in samenhang van een buurtvereniging of dorpsraad. Van de mogelijkheid tot inspreken bij de raadscommissies wordt goed gebruik gemaakt. Voorzitter, ik zou haast zeggen dat hiermee een ideale basis bestaat om van de getoonde betrokkenheid gebruik te maken waar dit mogelijk is. Bijzonder spijtig vindt mijn fractie het om in de besluitvorming hierover te hebben moeten constateren dat de raad in meerderheid zich schaart achter een naar onze mening gezocht formalistisch argument; het past niet op de formuleringen in onze verordening. Het is maar net wat je belangrijker vindt: een positieve en aan de tijdsgeest aangepaste benadering van betrokken inwoners, of het aan de gang houden van de volop op stoom zijnde locomotief.

De PvdA maakt zich grote zorgen over de financiële onzekerheden die er naar onze mening nog volop zijn. Het enige wat hiervoor in de gemeentelijk pot zit is de opbrengst van de Linnaeushof in Bennebroek. Verkoop van het gebouw bij de Brouwerskolk en het voormalige gemeentehuis Bennebroek ligt nog niet in het verschiet, ondanks het feit dat de coalitiepartijen indringend bij het college hebben bedongen dat dit alles eerst moest worden afgehamerd. Het is aan het college voorgelegd als een harde eis om het proces te kunnen voortzetten. In die volgorde, en niet anders! Het college was het daar zeer mee eens, en toonde zich zelfs dankbaar dat de raad op deze constructieve wijze mee dacht. Ik hoor het de wethouder nóg zeggen. Er is evenwel nog niets verkocht, en wat er verder nog op ons afkomt moeten we maar afwachten.

Onze inhoudelijke argumenten tegen dit plan zijn bekend, ik ga ze niet herhalen, maar het voorgaande wil ik namens mijn fractie wél gezegd wil hebben.

Voorzitter, als een bestuurlijk dieptepunt wil mijn fractie kenschetsen de aanpak door het college van het dossier Elswouthoek. Tot onze tevredenheid lijkt er op dit moment licht aan het eind van de tunnel, door het bereiken van een akkoord. Waar zouden we zijn zonder inschakeling van het instituut Nationale Ombudsman. Mijn fractie is – ook achteraf – echter onthutst door de maatschappelijke schade die het openbaar bestuur van onze gemeente hierdoor heeft opgelopen.

Als we op dit moment de balans opmaken, dan zouden we tot de volgende leerpunten kunnen komen:

–       Complexe dossiers moeten vanaf het begin gekoppeld worden aan een centrale coördinatie, zo u wilt een accountmanager, die in staat is vanuit een helicopter-view alle relevante bestuurlijke processen te overzien;

–       In verder complicerende situaties die zich in het proces voordoen moet het college zijn verantwoordelijkheden zoals dat van een goed bestuur verwacht mag worden. In vervlogen tijden hing men wel schilderijen in de kamer van bestuurders, met daarop metaforen van de belangrijkste deugden afgebeeld. Zover hoeven wij niet te gaan, maar juist van een college wat communicatie als een der speerpunten formuleert hadden wij mogen verwachten dat men hier op berekend zou zijn.

–       Besturen van een gemeente is meer dan het uitvoering geven aan wetten en verordeningen. Juist in een situatie waarin wij trots zijn op onze mondige burgers moet een ambtelijke organisatie toegerust zijn op de dynamiek waarop je volgens ons van tijd tot tijd kunt wachten. Dit is zeker een uitdaging voor onze ambtenaren, maar u kunt voor die toerusting zorgen. “Het nieuwe werken” , wat op afzienbare tijd aanstaande is, kan alleen worden ingevuld wanneer men is uitgerust  met “nieuwe vaardigheden”.

De nieuwe voorstellen en de programma’s geven ons geen aanleiding tot het maken van bijzondere opmerkingen, afgezien van de constatering dat we daarmee kunnen instemmen.

Samen met GroenLinks en Liberaal Bloemendaal leggen wij de raad een motie voor over de wijze van argumentering bij het aan de raad voorleggen van geheimhouding. De fractievoorzitter van GroenLinks zal dit in zijn algemene beschouwing nader toelichten, mede namens mijn fractie.

Voorzitter, om u niet langer in onzekerheid te laten: de fractie van de Partij van de Arbeid zal instemmen met de begroting 2014. Ik meldde al dat de sommetjes kloppen, meer valt er niet over te zeggen. Waar wel wat over te melden is werpt echter al zijn schaduwen vooruit, en de PvdA zal zich daarop terdege prepareren.

Stilte voor de storm, dus….